Welkom op de pagina Een wereld van verschil groep 6: Blok 3!

Thema: Wat een werk!

Je vindt hier filmpjes, plaatjes en extra informatie over het thema wat een werk! per les en een oefentoets (+ antwoorden) over alle vier de lessen (de vragen zijn wel opgedeeld per les).

 

FILMPJES, PLAATJES & EXTRA INFORMATIE:

Les 1: Werken in een fabriek

Les 2: De weg van de melk

Les 3: Waarom daar?

Les 4: De haven van Rotterdam

 

Oefentoets

Schrijf de antwoorden op de vragen bij voorkeur op een blaadje (of onthoud ze). Controleer daarna of je het goed hebt, onderaan deze pagina.

 

Les 1: Werken in een fabriek

VRAAG 1: Wat voor mensen werken in een staalbedrijf?

VRAAG 2: Waarom ligt een staalfabriek aan zee?

Les 2: De weg van melk

VRAAG 3: Hoeveel liter melk geeft een koe per dag?

VRAAG 4: Noem minstens 4 eindproducten die gemaakt zijn van melk.

Les 3: Waarom daar?

VRAAG 5: Waar staan olieraffinaderijen?

VRAAG 6: Waarom hebben veel bedrijven zich rond Utrecht gevestigd?

Les 4: De haven van Rotterdam

VRAAG 7: Welke bedrijven vind je vooral op de Maasvlakte?

VRAAG 8: Waarom wordt de lading van zeeschepen overgezet op vrachtwagens, treinen of andere schepen?

De bovenstaande vragen zijn bedoeld ter controle, dus om te kijken of je het al (goed) kent. Dit is geen garantie voor een goed cijfer, aangezien wij niet al het lesmateriaal tot onze beschikking hebben en er moeilijkere vragen gesteld kunnen worden. Wij hebben geen beschikking over de toetsen van de methode, dus als vragen overeen komen met de echte toets berust dit op toeval.

 

Antwoorden van de oefentoets:

Les 1: Werken in een fabriek

VRAAG 1: Wat voor mensen werken in een staalbedrijf?

In een staalfabriek werken bijvoorbeeld kraanmachinisten, telefonistes, computerdeskundigen en monteurs.

VRAAG 2: Waarom ligt een staalfabriek aan zee?

Een staalfabriek ligt aan zee, omdat het ijzererts per schip wordt aangevoerd.

Les 2: De weg van melk

VRAAG 3: Hoeveel liter melk geeft een koe per dag?

Een koe geeft wel 23 liter melk per dag.

VRAAG 4: Noem minstens 4 eindproducten die gemaakt zijn van melk.

Voorbeelden van producten die worden gemaakt van melk zijn: boter, kaas, karnemelk, yoghurt en vla.

Les 3: Waarom daar?

VRAAG 5: Waar staan olieraffinaderijen?

Olieraffinaderijen staan in de buurt van een rivier of aan zee waar een haven is.

VRAAG 6: Waarom hebben veel bedrijven zich rond Utrecht gevestigd?

Veel bedrijven hebben zich rond Utrecht gevestigd, omdat Utrecht in het midden van het land ligt.

Les 4: De haven van Rotterdam

VRAAG 7: Welke bedrijven vind je vooral op de Maasvlakte?

Op de Maasvlakte staan vooral olieraffinaderijen.

VRAAG 8: Waarom wordt de lading van zeeschepen overgezet op vrachtwagens, treinen of andere schepen?

De lading van zeeschepen wordt overgezet op vrachtwagens, treinen of andere schepen, omdat de zeeschepen te groot en te zwaar zijn om verder over de rivier te varen.